Gepubliceerd op maandag 8 april 2024
IEF 21987
Hoge Raad ||
5 apr 2024
Hoge Raad 5 apr 2024, IEF 21987; ECLI:NL:HR:2024:524 (Tinnus tegen verweerster), https://delex.nl/artikelen/hoge-raad-verwerpt-cassatieberoep-tinnus-op-grond-van-81-ro

Hoge Raad verwerpt cassatieberoep Tinnus op grond van 81 RO

Hoge Raad 5 april 2024, IEF 21987; ECLI:NL:HR:2024:524 (Tinnus tegen verweerster). Deze zaak gaat over de vraag of de waterballonvullers van Tinnus Enterprises (hierna: Tinnus) auteursrechtelijk beschermd zijn. De techniek houdt, kort gezegd, in dat door gebruik van slangetjes meerdere waterballonnen tegelijk gevuld kunnen worden. Tinnus vordert een inbreukverbod jegens verweerster ter bescherming van haar beweerde auteursrechten (en modellenrechten). Op 1 maart 2024 heeft de Hoge Raad al arrest gewezen over de octrooirechtelijke bescherming van deze waterballonvullers [zie IEF 21912]. Het Gerechtshof Den Haag (hierna: het hof) had eerder in deze zaak geoordeeld dat geen sprake was van een auteursrechtelijk beschermd werk wegens techniekexceptie [zie IEF 21511]. De A-G deelt in zijn conclusie de mening van het hof [zie IEF 21947]. De Hoge Raad oordeelt dat de klachten van Tinnus niet kunnen leiden tot vernietiging van het arrest van het hof en verwerpt het cassatieberoep op grond van artikel 81 RO.

2.1 De Hoge Raad heeft de klachten over het arrest van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van dat arrest. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).

2.2 [verweerster] maakt aanspraak op een proceskostenvergoeding op de voet van art. 1019h Rv. Zij heeft haar kosten begroot op een totaal van € 42.491,-- aan honorarium. [verweerster] meent dat, hoewel de zaak naar zijn aard niet complex is, vanwege het grote aantal cassatieklachten dat Tinnus heeft aangevoerd toch het maximumtarief voor een complexe zaak als bedoeld in de Indicatietarieven in IE-zaken Hoge Raad 2017 moet worden aangehouden. Tinnus maakt daartegen bezwaar. De Hoge Raad volgt [verweerster] niet in haar betoog. De zaak moet, ook in cassatie, worden aangemerkt als een normale zaak in de zin van de Indicatietarieven. De Hoge Raad acht het voor die categorie geldende maximumtarief redelijk en evenredig.