Merkenrecht  

IEF 6314

Faits Divers

IP wereldleiders op topbijeenkomst in Amsterdam. “Kopstukken uit de hele wereld van het zakelijk intellectueel eigendomsrecht komen deze maand in Amsterdam bijeen voor het eerste IP Business Congress. Het congres op 25 en 26 juni belooft een van de belangrijkste gebeurtenissen van 2008 te worden op het gebied van het intellectuele eigendom. Het congres start met een topontmoeting van anderhalve dag van 'Chief Intellectual Property Officers' (cipo's) georganiseerd door het gezaghebbende vakblad Intellectual Asset Management (IAM). Daarop volgt ween veiling van IP rechten onder leiding van Ocean Tomo LLC.

Deze bekendmaking is officieel geldend in de originele brontaal. Vertalingen zijn slechts als leeshulp bedoeld en moeten worden vergeleken met de tekst in de brontaal welke als enige juridische geldigheid beoogt.”

Lees hier meer (Businesswire). 

Groepsportret. “Directeur Dré Peters van Weekblad De Trompetter zegt geen inbreuk te maken op het portretrecht van de KNVB. (…) Het weekblad heeft zeventien organisaties en ondernemers gestrikt voor een advertentie in een speciale EK-uitgave. Hun namen stonden onder een getekende versie van de groepsfoto van het elftal en op de shirts van de spelers die herkenbaar zijn afgebeeld. De voetbalbond gaat stappen ondernemen tegen De Trompetter, omdat het blad het merkenrecht schendt.”

Lees hier meer (Omroep Brabant).

Telegraaf dreigt eigenaar Sexspeurders. “De Telegraaf wil dat het domein Sexspeurders.nl niet langer wordt gebruikt. De naam zou inbreuk maken op het merkrecht van De Telegraaf. (…)  B. de Haan, bedrijfsjurist van De Telegraaf: "Het maakt ons niet uit waar de heer Van Diejen zijn domein gebruikt. We willen gewoon dat hij ermee stopt. De term leidt hoe dan ook tot verwarring."  Van Diejen is niet van plan om mee te werken met De Telegraaf. "Ik vind de eis bezopen. Ik denk dat ze me niets kunnen maken." De Haan bestrijdt dat. "Hier zijn in het verleden al zaken over geweest."

Lees hier meer (Webwereld).

Bellen met befjes. “Maar sluwe horecamannetjes uit de regio Rotterdam surfen plotseling mee op onze titel [Quote]. Volgens eigenaren Willem en Teun van Rij is de naam een raak gekozen eerbetoon aan ons blad vanwege de ‘vele vrienden’ die erin figureren. (…) Maar eens gebeld met de befjes die onze titel beschermen. ‘Hoewel horecadiensten in het verleden zijn opgenomen in de omschrijving, zijn de betreffende merkrechten ouder dan vijf jaar en derhalve gebruiksplichtig’, kwam er na enkele dagen spitten over de mail terug. Fijn. Toch kijken we nog even verder.”

Lees hier meer (Quotenet).

Brood in Beyoncé. ”Als superbelegger kijkt APG, de vermogensbeheerder voor pensioenfonds ABP, altijd naar lucratieve beleggingen naast de traditionele bulk (aandelen, obligaties, vastgoed, grondstoffen). Begin dit jaar stapte APG voor ongeveer 300 miljoen euro in muziekrechten. En de vermogensbeheerder ziet nog meer kansen op het gebied van intellectuele eigendommen.”

Lees hier meer (Z24).

Lingerie-wars: ”Heilbron-advocaten vs. Dekkers-advocaat (...) Wij van 925 zouden 925 niet zijn als wij in een kekke voorbeschouwing geen duidende analyse van de strijdende advocatenteams zouden geven. Want zo zijn wij.

(...) Aan de linker zijde vinden wij de pratende toga van Marlies Dekkers. Zij naam is Charles Gielen, een topadvocaatje van het advocatenwarenhuis Nauta Dutilh. Baasje Gielen heeft zich gespecialiseerd op het gebied van patenten en trademarks en klust part time bij als hoogleraar intellectueel eigendom. Advocaatje Gielen is een waar goudhaantje, adviseert regelmatig de Nederlandse regering, wordt door iedereen die er verstand van heeft bejubeld als dé man op dé plek als het om merkenrechtenzaken gaat, staat binnen nu en tien jaar als co-presentator in RTL Boulevard en draagt het liefst niet al te ruim zittende slipjes van de Enige Echte Marlies Dekkers.

Aan de rechter zijde vinden wij het twee man sterke team Sapph-advocaten, te weten het immer komische maar oersterke duo Koets en Kaaks. (...) Hans Koets heeft zich gespecialiseerd in de gezaghebbende professionele entrepreneursdisciplines Arbeidsrecht, Ondernemingsrecht, Bank- en Effectenrecht, Vastgoedrecht en uiteraard Intellectueel Eigendomsrecht. (...) Matthijs Kaaks was ooit hoofdredacteur van het gezaghebbende advocatenfoldertje Amice en richtte in 2005 samen met avocaatje Marc de Boer het kantoor Boekx Advocaten op. Kaaks is een veteraan op het gebied van merkengeschillen, modellenrechten en smaad danwel laster in gedrukte media. Zo is hij een graag geziene consigliere bij diverse uitgeverijen en behartigde hij regelmatig de belangen voor het voor ons verder volstrekt onbekende tijdschriftje Quote. Matthijs Kaaks klust bij als columnist en maakt het liefst lange eenzame wandelingen door een geurig herfstbos om aansluitend rijkelijk te dineren met een flesje goede rode Chablis ’89. Kaaks draagt nooit ondergoed behalve borstrokken en slaapt naakt.

Rob Heilbron zelf: “Ik laat de modellen in een toga naar de rechtszaal komen. Als ze binnen zijn gaan de toga's uit en zie je onze lingerie. Nou ja, laat ik sportief zijn, ik doe er ook één een setje van Marlies aan.”

Lees hier meer (925people).

Modden. “Modden is het schenden van het copyright van uitgevers. Het modden van je Xbox 360 bijvoorbeeld. Dat is toch iets waar Microsoft niet blij van wordt. Tevens vervalt de garantie als je ‘m uit elkaar haalt. Een Britse rechter heeft echter bepaald dat het gebruiken van een chip niet strafbaar is. De chip importeur werd namelijk aangeklaagd, schuldig bevonden, maar in hoger beroep weer vrijgescholden.”

Lees hier iets meer (Powerweb.nl).

Bakker. “Dat collega Sonja Bakker hem beschuldigd heeft van plagiaat, steekt eetgoeroe Mathijs Vrieze. ‘Jatwerk? Hoe komt ze erbij? Dit boek is helemaal Mathijs.’  Vrieze, ooit werkzaam voor Bakker, bracht onlangs zijn boek ‘Lekker eten en gezonder afvallen’ uit. Sonja Bakker beschuldigde hem vervolgens van plagiaat in het Noordhollands Dagblad. (…) Sonja Bakker laat in een reactie weer een heel ander geluid horen. ‘Ik juich elke poging van schrijvers om mensen te laten afvallen toe, dus ook die van Mathijs. Van plagiaat is geen sprake.’ Bakker ontwijkt in de krant de vraag of ze de afgelopen weken verkeerd is geciteerd of dat ze haar beschuldigingen heeft ingetrokken.”

Lees hier meer (Distrifood.nl).

Open standaard. “Eurocommissaris Neelie Kroes heeft tijdens een toespraak bij het Openforum Europe bedrijven en overheden opgeroepen open standaarden te gebruiken. Het was feitelijk een aanval op Microsoft zonder dat dit bedrijf bij de naam werd genoemd.”
Lees hier meer (Tweakers.net).

Vlaggenzee. “Het is een kunstwerk waarmee het Graphic Design Museum Beyerd Breda stilstaat bij de eigen opening. Het werk was even omstreden. Het Rotterdamse ontwerpbureau Vollaerszwart betichtte Castelein namelijk van plagiaat. Het leek volgens het bureau te veel op vergelijkbare vlaggenstellages waarmee Vollaerszwart al jaren panden aankleedt. Uiteindelijk besliste Pictoright, een organisatie die het auteursrecht van kunstenaars beschermt, dat van plagiaat geen sprake was.”

Lees hier meer (BN De Stem).

Verboden boek. “De cover was al klaar. Maar het boek over De Gouden Kooi van ex-bewoonster Ilona mag niet van John de Mol. „Uitbrengen van het boek betekent een boete van 50.000 euro”, zegt de schrijfster. „Ik vind het heel jammer, want in mijn beleving zeg ik geen onvertogen woord.” (…) Thomas Notermans van Talpa is duidelijk. „Alle bewoners van De Gouden Kooi hebben van tevoren een contract ondertekend waarin zij verklaren dat zij niks over het programma naar buiten mogen brengen. De columns van Ilona zijn veelal onschuldig, maar er staan ook dingen in die het format kunnen schaden.”

Lees hier meer (De Telegraaf).

Omslag. Het omslag van Het recht op terugkeer (De Bezige Bij) van Leon de Winter vertoont gelijkenis met dat van Joost Zwagermans roman Vals licht (De Arbeiderspers) uit 1991. Het gaat vooral om de illustratie Night Windows van de Amerikaanse kunstenaar Edward Hopper, die beide boeken lijkt te sieren. Zwagerman laat in HP/De Tijd weten dat hij dacht aan ‘een studentengrap' toen hij de uitnodiging ontving voor de presentatie van De Winters nieuwste boek: ‘Als je heel goed kijkt, zie je dat er bij Leon een gordijntje is bijgeschilderd. Maar niet alleen de Hopper is hetzelfde, ook de kleurstelling en de belettering, tot de titel aan toe.'

(…) Bezige Bij-directeur Robbert Ammerlaan blijft kalm: ‘De illustratie is een keuze van Leon de Winter zelf. Voor God's gym koos hij ook al een Hopper-pastiche op de cover, dat wilde hij nu weer. Aan Vals licht hebben we geen van beiden gedacht, dat is ook al zo lang geleden. We hebben het in de catalogus gezet en hoorden er niets over, tot Zwagerman er ineens mee op de proppen kwam. Toen ik het zag herinnerde ik het me ook weer. Als zijn boek vorig jaar was verschenen en nog volop werd verkocht was het misschien een andere zaak geweest, maar deze editie is allang niet meer verkrijgbaar, dus we gaan geen aanpassingen plegen.”

Lees hier meer (Boekblad).

Nieuwe topleveldomeinen. “Deze week besluit de Icann of de strikte regels rond het verstrekken van toplevel domeinnamen worden versoepeld. Dat kan alsnog de weg vrijmaken voor het xxx-domein. Als de Internet Corporation for Assigned Names and Numbers (Icann) donderdag instemt met het wijzigingsvoorstel, kan dat een van de grootste veranderingen van het webadressensysteem betekenen, zo meldt de BBC. (…) Volgens Icann-baas Paul Twomey zouden de voorstellen een enorme omwenteling kunnen betekenen. "Groepen, gemeenschappen en bedrijven kunnen hun identiteiten online uitdragen." Dat zou een grote toename van het aantal domeinnamen betekenen: tegen het eind van het jaar zullen dat er honderden zijn, meent de Icann. Een bedrijf als eBay staat bijvoorbeeld al klaar om de .ebay-extensie te registreren.

Lees hier meer ( Webwereld).

Mupi-project. “De wijze waarop mupi-exploitant JCDecaux tot twee maal toe uit eigen beweging een poster liet verwijderen uit een billboard dat de gemeente huurde, stuit het Bredase college tegen de borst. Het gemeentebestuur wil dan ook een gesprek aangaan met de verhuurder. Dit, om duidelijke afspraken te maken. De gewraakte affiches maakten deel uit van het Graphic Design Festival. Het waren kunstobjecten. De ene verbeeldde Geert Wilders die zogenaamd reclame maakte voor H&M, de ander Rita Verdonk die een mantelpakje voor Zeeman aanprees. JCDecaux vond dit in strijd met het merkrecht en haalde ze weg. De posters keren niet terug. Het mupi-project van het festival is namelijk afgelopen.”

Lees hier meer (BN De Stem).

VOI©E. Met als prioriteit een verbetering van het bestaande imago hebben de Nederlandse rechtenorganisaties zich verenigd in een branche-organisatie. Deze Vereniging van Organisaties die Intellectueel eigendom Collectief Exploiteren, kortweg VOI©E, zal een antwoord moeten vinden op de kritiek van het bedrijfsleven en politiek.

Lees hier meer.

Google Adwords. “Vraag aan Europees Hof: wanneer zijn Adwords legaal? “Verkopen van “genuine replica” merkproducten is een populaire bezigheid. Je moet natuurlijk wel kunnen adverteren, en onlangs maakte Google het met haar nieuwe Adwords-policy bedrijven een stuk gemakkelijker. In de EU is het nu toegestaan om advertenties te kopen op andermans merknaam. Daar maken verkopers van “echte replicaproducten” handig gebruik van. In Frankrijk werd Louis Vuitton daar erg boos om. Zij stapte naar de rechter, en deze heeft nu vragen gesteld aan het Europese Hof van Justitie over hoe het Europese merkenrecht moet worden geinterpreteerd als het gaat om gesponsorde koppelingen. Het Hof stelt drie vragen, die ik niet letterlijk ga overnemen.”

Lees hier meer (Engelfriets Internetrecht).

IEF 6309

Er zijn nog plaatsen over

rondetafel.gifNetherlands Roundtable (INTA) on  ‘Non Confusion Infringement And Dilution in EU Trademark Law’, Wednesday June 25, 2008, 4-6 p.m, Offices of NautaDutilh NV, Strawinskylaan 1999, Amsterdam, The Netherlands.

The discussion will focus on what constitutes non confusion infringement under art. 5(2) and 5(5) Directive and art. 8(5) and 9(1)(c) CTM Regulation. The session will be followed by drinks in the bar of NautaDutilh NV.

Guest speaker: Tobias Cohen Jehoram, partner in De Brauw Blackstone Westbroek

Hosting moderator: Prof. Charles Gielen, partner in NautaDutilh NV and professor of IP law at the University of Groningen.

Lees hier iets meer.

IEF 6308

Het blijft oppassen

o2.gifDirk Visser: Het blijft oppassen met merkgebruik in vergelijkende reclame. Reactie op uitspraken in  kort nieuwsbericht in Adformatie nr. 25, pagina  6.

In Adformatie nr. 25 (p. 6) stelt advocate Ebba Hoogenraad dat er door de uitspraak van het Europese Hof van Justitie in de O2/H3G zaak meer mogelijk wordt op het gebied van (beeld)merkgebruik in vergelijkende reclame. Je mag niet misleiden of kleineren, aldus Hoogenraad, “maar ‘spelen’ met het vergeleken merk ligt nu binnen handbereik, zonder dat merkinbreuk om de hoek komt kijken, zolang geen verwarring wordt veroorzaakt. En de financiële risico’s die gelden bij merkinbreuk (volledige proceskostenveroordeling, inclusief advocaatkosten van de merkhouder) zijn daarmee ook van de baan”. 

Hoogenraad heeft gelijk dat er nu vermoedelijk wat meer mag dan voorheen, met name ten aanzien van het gebruik van het beeldmerk van een concurrent. Gebruik van het beeldmerk van een concurrent werd in het verleden namelijk meestal door de rechter verboden.

Maar ‘spelen’ met het merk van de concurrent, zeker als het een bekend merk betreft, blijft toch spelen met vuur. Hoogenraad vermeldt namelijk niet dat óók in de wet staat dat vergelijkende reclame alleen toegestaan is als deze “geen oneerlijk voordeel oplevert ten gevolge van de bekendheid van een merk, handelsnaam of andere onderscheidende kenmerken van een concurrent” (art. 6:194a sub g Burgerlijk Wetboek).

Vergelijkende reclame of ‘spelen’ met het bekende beeldmerk van bijvoorbeeld de marktleider is altijd erg verleidelijk voor minder bekende merken. Maar als de rechter dat, ook zonder dat er sprake is van misleiden, kleineren of verwarring wekken, ‘oneerlijk voordeel’ vindt opleveren, dan dreigt nogal altijd een verbod, rectificatie en schadevergoeding. Bovendien kan de rechter dan ook beslissen dat er dan toch ook sprake is van merkinbreuk, waardoor die ‘volledige proceskostenveroordeling, inclusief advocaatkosten van de merkhouder’, ook weer van toepassing is. 

IEF 6303

Volgens Gielen

De Telegraaf bericht: “Marlies Dekkers spant een bodemprocedure aan tegen het lingeriemerk Sapph en wil bovendien dat Livera de lingerielijn van Yolanthe Cabau van Kasbergen uit de winkels haalt. Dat heeft haar advocaat Charles Gielen donderdag gezegd.

Volgens Gielen lijkt een aantal bh's en broekjes van Sapph te veel op de exclusieve ontwerpen van Marlies Dekkers. Ook de onlangs geïntroduceerde lingerielijn van Yolanthe Cabau van Kasbergen en de collectie van het bedrijf Syl Design vertonen sterke gelijkenissen met de ontwerpen van Dekkers.

(…) Als reactie op de juridische stappen van Dekkers, doet Heilbron op zijn beurt aangifte tegen Dekkers wegens bedrijfsspionage. „Een van haar medewerkers probeerde tijdens een lingeriebeurs in het Britse Harrogate een bedrijfsmap van Sapph te stelen”, zegt Heilbron. „Als Marlies wat van me wil hebben, kan ze het me ook gewoon vragen.”

Lees hier meer.

IEF 6299

De slagsleutelmethode

lps.gifRechtbank Zutphen, 28 mei 2008, HA ZA 07-405, Lips Nederland B.V. tegen M&C Protect c.s. (met dank aan Marjolein Driessen, Leijnse Artz).

Merkenrecht, misleidende en vergelijkende reclame, bestuurdersaansprakelijkheid. Bodem in zaak over “de slagsleutelmethode” (zie voor KG: IEF 2013). Een samenvatting in citaten:

“5.5. De slotsom is dat de door M & C in het geding gebrachte producties geen steun bieden voor de juistheid van de reclame-uiting dat het kinderlijk eenvoudig is om binnen korte tijd met behulp van een slagsleutel een slot te openen. Voor zover al uit het onderzoek door de Consumentenbond blijkt dat sloten met de slagsleutelmethode geopend kunnen worden, geldt dat dit onderzoek is gehouden in een laboratoriumsituatie, die niet te vergelijken is met de werkelijke situatie. (…) Zowel de mededeling dat het fabriceren van een slagsleutel erg eenvoudig is en door inbrekers in een handomdraai wordt gedaan als de mededeling dat het kinderlijk eenvoudig is om binnen korte tijd met behulp van een slagsleutel een slot te openen, moeten daarom als misleidend worden aangemerkt.

 (…) 5.10. De stelling van Lips dat de uitingen van M & C B.V. aan Comari moeten worden toegerekend alleen al omdat zij houdster is van het merk M & C, moet verworpen worden. De artikelen 6: 194 en 194a BW richten zich tegen degene die de misleidende mededeling openbaar maakt of openbaar laat maken. Voor wat betreft de reclame-uitingen van M & C B.V. geldt dat M & C B.V. aangemerkt moet worden als degene die de mededelingen openbaar maakt of laat maken. Het enkele gebruik van de merknaam M & C is geen misleidende mededeling of ongeoorloofde vergelijkende reclame. Anders is dit echter waar Comari hiervoor als misleidend of ongeoorloofde vergelijkende reclame aangemerkte uitingen van M & C B.V. met haar eigen reclamemateriaal heeft gecombineerd. Dat is met name het geval op de website van Comari, zoals blijkt uit productie 24 van Lips. 

(…) 5.13. Gaat het om het gebruik van het merk bij een onderzoek door bijvoorbeeld een consumentenorganisatie waarin verschillende producten met elkaar worden vergeleken dan kan sprake zijn van een geldige reden en wordt het merk niet gebruikt ter onderscheiding van de eigen waar of dienst. Dit is anders als het gaat om het gebruik van het merk in vergelijkende reclame. In dat geval wordt het merk anderszins gebruikt in het economisch verkeer. Is er sprake van geoorloofde vergelijkende reclame dan kan er sprake zijn van een geldige reden als bedoeld in voormeld artikel. (MvT, Kamerstukken 11, 2000-2001, nr. 27 619, nr. 3). In het onderhavige geval is echter sprake van ongeoorloofde vergelijkende reclame, waarvan de boodschap dat alleen slagsleutelbestendige cilindersloten veilig zijn wordt versterkt door het rapport van TOOOL. Dit leidt tot de conclusie dat niet alleen een geldige reden voor het gebruik van de merken van Lips ontbreekt, maar ook dat het gebruik van die merken door M & C B.V. afbreuk doet aan de reputatie van Lips. Deze inbreuk op het merkenrecht van Lips terzake van de merken LIPS, OCTRO en KESO rechtvaardigt het M & C B.V. elk gebruik van deze merken te verbieden.

(…) 5.15. Het artikel waar Lips een beroep op doet, 1019h Rv is echter niet van toepassing op procedures waarvan de dagvaarding vóór of op de dag van inwerkingtreding van dit artikel, 1 mei 2007, is uitgebracht. Nu de dagvaarding in deze zaak op 21 maart 2007 is uitgebracht, is dit artikel hier niet van toepassing.”

(…) 5.16 Dit betekent dat Overbeeke in het groepsverband van deze nauw verweven drie vennootschappen feitelijk als enig verantwoordelijk bestuurder functioneerde en als indirect bestuurder van M & C B.V. voor correcte naleving van het kort geding vonnis had moeten zorgen. Uit de door M & C in het geding gebracht producties 9 t/m 12 blijkt dat Overbeeke zich persoonlijk inet de verwijdering van de reclame-uitingen bemoeid heeft, echter op volstrekt onvoldoende wijze. Dit brengt inet zich dat Overbeeke op dit punt als bestuurder van C. Overbeeke Holding Didam B.V. en als indirect bestuurder van M & C B.V. ernstig in zijn bestuurlijke taakvervulling is tekortgeschoten en dientengevolge tegelijkertijd onrechtmatig heeft gehandeld jegens Lips.”

Lees het vonnis hier.

IEF 6298

Den Haag Gisteren

vlv.gifRechtbank ’s-Gravenhage, 18 juni 2008, HA ZA 07-2964, Fort Vale Engeneering Ltd. tegen Pelican Worldwide B.V. (met dank aan Otto Swens, Vondst Advocaten).

Octrooirecht. EP ventiel-samenstelling. Bodem(tussen)vonnis in een zaak waarin al eerder kort-gedingvonnis is gewezen (Zie IEF 4099). De rechtbank concludeert nu dat er wèl sprake is van inbreuk, maar acht conclusie 1 van het Octrooi niet geldig. Partijen krijgen de gelegenheid zich uit te laten over de geldigheid van de overige conclusies 2-20, waarna de Rechtbank defintief zal beslissen over de inbreukvorderingen en de reconventionele nietigheidsvordering. Ook GAT/LuK duikt weer even op: “De noodzaak tot aanhouding bestaat niet voor wat betreft de provisionele vorderingen.”

Lees het vonnis hier.

zibkr.gifRechtbank ’s-Gravenhage, 18 juni 2008, HA ZA 07-2702, Henri Peteri B.V. tegen AB Power Selling B.V.

“Ter zitting is met beide apparaten thee gezet.”. Kokendwaterkraanzaak. Merkenrecht, reclamerecht.

“4.3. De voorzieningenrechter heeft bij vonnis van 6 februari 2007 (zie: IEF 3422) geoordeeld dat het gebruik van dat teken naar voorlopig oordeel inbreuk maakt op het Beneluxmerk QUOOKER van Peteri. Bij conclusie van antwoord in deze procedure heeft AB Power zich neergelegd bij het in kort geding opgelegde verbod met betrekking tot dit teken. Bij de mondelinge behandeling heeft zij nog eens onherroepelijk en onvoorwaardelijk toegezegd dat zij zal berusten in de veroordeling neergelegd in het vonnis van de voorzieningenrechter van deze rechtbank van 6 februari 2007 inclusief de daarbij bepaalde dwangsom, voorzover deze veroordeling en dwangsom zien op inbreuk op het merk QUOOKER van Peteri met name door gebruik van het teken cooker. (…)De rechtbank ziet hierin aanleiding de merkenrechtelijke grondslag onbesproken te laten en wat betreft dit onderdeel de veroordeling van de voorzieningenrechter met de daarbij bepaalde dwangsom te bevestigen.

(…)4.44. De rechtbank concludeert dan ook dat het gebruik door AB Power van het woord kokend, al dan niet in verbinding met andere begrippen, ter aanprijzing van haar Zip HydroTap niet misleidend is.

4.46. Naar oordeel van de rechtbank is de aanprijzing door AB Power niet als vergelijkend aan te merken. Nu AB Power het teken ‘cooker’ niet meer gebruikt en ook niet meer mag gebruiken is er ook indirect geen sprake van vergelijking.”

Geen werkelijke proceskostenveroordeling m.b.t. het reclamerechtelijke deel.

Lees het vonnis hier.

Noot van de redactie: In de regel worden Haagse uitspraken door het Haagse gerecht zelf, vaak al op de dag van uitspraak, gepubliceerd of in doorzoekbaar pdf-formaat rondgezonden middels de Haagse verzendlijst. Naamsvermelding (‘met dank aan…) bij Haagse uitspraken geschiedt dan ook alleen bij uitspraken die zijn aangeleverd door advocaten/partijden/derden voordat of zonder dat de uitspraak door het Haagse Gerecht zelf is gepubliceerd of verzonden.

IEF 6297

Rond het plaats vinden van de race

lmsota.gifRechtbank ’s-Gravenhage, 12 juni 2008, KG RK 08/1012, L’Automobile Club De LÓuest ACO tegen State of Art B.V. (met dank aan Bastiaan van Ramshorst, Klos Morel Vos & Schaap)

Merkenrecht. Ex parte. Verzoek toegewezen. Eiser ACO is opgericht in 1906 en de organisator van, onder meer, de 24 uurs autorace genaamd “Les 24 Heures du Mans”, in het Nederlands: de 24 uur van Le Mans. Dit geschil gaat om inbreukmakend handelen van State of Art. ACO heeft vastgesteld dat State of Art, in ieder geval via haar online winkel, diverse kledingstukken verkoopt, waarop identieke merken die betrekking hebben op de 24 uur van Le Mans zijn aangebracht. State of Art maken hiermee inbreuk op de merkrechten van ACO.

Het spoedeisend belang hangt samen met het genoemde evenement. “Aanstaand weekend, van 12 t/m 15 juni, vindt weer de jaarlijkse 24 uur van Le Mans plaats. Uit eigen ervaring weet ACO dat rond het plaats vinden van de race grote vraag bestaat naar producten voorzien van de bekende merken van ACO. Het gevolg van het bovenstaande is dat de Inbreukmakende Producten juist in de komende dagen waarschijnlijk goed en snel zullen verkopen.”

De voorzieningenrechter ziet voldoende aanleiding voor toewijzing van eht verbod op grondslag van het ingeroepen beeldmerk

Lees de beschikking hier.  

IEF 6296

A huge reputation in the Benelux

spa.gifGvEA, 19 juni 2008, Zaak T-93/06, Mülhens GmbH & Co. KG tegen OHIM /  Spa Monopole (Nederlandse versie nog niet beschikbaar).

Oppositieprocedure op grond van ouder Benelux woordmerk SPA (water) tegen aanvraag Gemeenschapswoordmerk MINERAL SPA (cosmetica). Oppositie toegewezen door OHIM en Gerecht, waarbij de bekendheid van het merk doorslaggevend is. Ongerechtvaardigd voordeel trekken & the risk of a free-riding transfer of the advertising effort made by the proprietor of the earlier mark.

“34. The Board of Appeal states, at paragraph 26 of the contested decision, that the earlier trade mark enjoys a huge reputation in the Benelux for mineral water. As the Board of Appeal states at paragraph 24 of the contested decision, and the intervener points out in its response, the earlier trade mark has been used continuously in the Benelux for a number of years; SPA water is available throughout the territory of the Benelux with a strong presence in both mass and small-scale distribution; and Spa Monopole is the leader on the market for mineral water with a market share of 23.6%, has made significant advertising investments and sponsors a number of sports events. Those facts demonstrate that the earlier trade mark has a reputation, which is, at the very least, very significant in the Benelux for mineral water.

(…) 40. The concept of the unfair advantage taken of the repute of the earlier mark by the use without due cause of the mark applied for concerns the risk that the image of the mark with a reputation or the characteristics which it projects are transferred to the goods covered by the mark applied for, with the result that the marketing of those goods is made easier by that association with the earlier mark with a reputation (VIPS, paragraph 40).

41. The risk of such a transfer has been established in the present case. First, as was stated correctly at paragraph 40 of the contested decision, the relevant public for the trade mark applied for, that is to say the general public in the Benelux, may be the same as that targeted by the earlier trade mark.

42. Second, the goods covered by the trade mark applied for are not so different from those covered by the earlier trade mark. As the Board of Appeal points out at paragraph 40 of the contested decision, thermal waters, cosmetic products, soaps and essential oils can be used together for skin and beauty treatments. In addition, mineral waters and mineral salts can be used in the production of soaps, other cosmetic products and preparations for the hair. Furthermore, mineral water operators sometimes sell cosmetic products comprising mineral water.

43. Third, the image of the earlier trade mark and the message that it conveys relate to health, beauty, purity and richness in minerals. That image and that message can apply also to the goods in respect of which registration was sought by the applicant, since they are used to preserve and improve health or beauty. Therefore, the applicant could take unfair advantage of the image of the earlier trade mark and the message conveyed by it in that the goods covered by the trade mark applied for would be perceived by the relevant public as bringing health, beauty and purity. Accordingly, the risk of a free-riding transfer of the advertising effort made by the proprietor of the earlier mark to the mark applied for has been established.

44. In addition, the applicant’s argument based on the fact that water is present in a vast number of different goods cannot succeed. As OHIM submitted at the hearing, it is not a question of whether toothpaste and perfume contain mineral water, but whether the public may think that the goods concerned are produced from or with mineral water.

45 .  It follows that OHIM was justified in finding, in the contested decision, that it is likely that the applicant will take unfair advantage of the repute of the earlier trade mark.”

Lees het arrest hier

IEF 6295

Vergelijking tussen wijn en bier

mezzo2.gifGvEA, 18 juni 2008, zaak T-175/06, The Coca-Cola Company tegen OHIM / San Polo Srl

Oppositieprocedure op grond van oudere Oostenrijkse en Duitse woordmerken MEZZO en MEZZOMIX tegen aanvraag voor gemeenschapsbeeldmerk (wijnetiket) MEZZOPANE. Oppositie afgewezen door OHIM en Gerecht. “In casu is het Gerecht van oordeel dat wijn noch onontbeerlijk, noch belangrijk is voor het gebruik van bier, en omgekeerd.”

“106. (…) Stellig blijft bij de relevante consument slechts een onvolmaakt beeld van de betrokken merken achter, zodat hun gemeenschappelijk bestanddeel, te weten het woord „mezzo”, tot enige overeenstemming tussen hen leidt. Bovendien verhoogt de onbetwiste bekendheid van het merk MEZZOMIX het gevaar voor verwarring tussen dit oudere merk en het aangevraagde merk MEZZOPANE.

107. Niettemin is het Gerecht van oordeel dat, gelet op de onderlinge samenhang tussen de verschillende in aanmerking te nemen factoren en de bekendheid van het oudere merk MEZZOMIX, niet kan worden geconcludeerd dat gevaar bestaat voor verwarring tussen het aangevraagde merk MEZZOPANE en de oudere merken MEZZO en MEZZOMIX. Ondanks de bekendheid van het oudere merk MEZZOMIX bestaat er volgens het Gerecht immers geen gevaar dat de relevante consument in verwarring wordt gebracht met betrekking tot de commerciële herkomst van de waren van het aangevraagde merk MEZZOPANE, enerzijds, en van de oudere merken MEZZO en MEZZOMIX, anderzijds, gelet op het ontbreken van soortgelijkheid tussen de betrokken waren, in combinatie met de gemiddelde visuele en fonetische overeenstemming tussen de betrokken merken en met de omstandigheid dat de betrokken merken in het Duits geen betekenis hebben. De verschillen tussen de betrokken merken en waren, zoals die in de punten 29 en volgende en in de punten 61 en volgende zijn aangegeven, volstaan immers om – algemeen genomen – uit te sluiten dat het relevante publiek zou kunnen geloven dat de door het aangevraagde merk aangeduide wijnen en de door de oudere merken aangeduide bieren en andere dranken eenzelfde herkomst hebben, zelfs wanneer rekening wordt gehouden met de bekendheid van het oudere merk MEZZOMIX voor gemengde dranken op basis van limonade.

108. Derhalve is het Gerecht van oordeel dat verzoekster uit de in het arrest Canon (punt 19 supra) ontwikkelde rechtspraak ten onrechte afleidt dat het ontbreken van soortgelijkheid van de betrokken waren in casu niet beslissend kan zijn, gelet op de overeenstemming tussen de betrokken merken en het onderscheidend vermogen van het oudere merk MEZZOMIX.

109. Gelet op een en ander, is het Gerecht van oordeel dat uit de totale beoordeling van het gevaar voor verwarring tussen het aangevraagde merk en de oudere merken volgt, dat tussen deze merken geen gevaar voor verwarring bestaat.”

Lees het arrest hier.