Auteursrecht  

IEF 11550

Rapport: Digitale drempels en knelpunten legaal digitaal aanbod

Rapport ‘Digitale drempels, knelpunten voor legaal digitaal aanbod in de creatieve industrie’, 5 juli 2012, SEO-rapport nr. 2012-41. (2,7 Mb)

Dit rapport beschrijft de knelpunten bij het tot stand komen van een volwaardige markt voor digitale distributie en exploitatie van muziek, films en series, games en boeken. Onderscheid wordt gemaakt tussen economische, juridische, en technische knelpunten. It takes two to tango: knelpunten kunnen bestaan aan de kant van de aanbieder en aan de kant van de consument. Ook kunnen er knelpunten bestaan bij het tot stand komen van de transactie, die te maken hebben met de kosten of veiligheid van de betaling.

Voor het onderzoek is een mix van methoden ingezet: literatuurstudie, interviews met actoren in de diverse geledingen van de onderzochte sectoren en een online enquête onder een representatief consumentenpanel.

Alles overziend blijken er markante verschillen te bestaan tussen de sectoren. In de muziekindustrie is het aanbod inmiddels op orde. Er zijn zowel download- als streamingdiensten die een bijna compleet aanbod hebben, zij het dat de business case van streamingdiensten zich feitelijk nog moet bewijzen. Daarnaast zijn er tal van diensten gericht op specifieke genres. De drempel die er aan de aanbodzijde bestaat door de versnippering van rechten is door enkele aanbieders inmiddels genomen. In termen van het aantal aanschaffen is de markt met 40 % ook zeer substantieel, maar in omzetaandeel blijft de markt in Nederland achter, ook op een aantal andere landen. De onderliggende drempel is vermoedelijk dat het legale online aanbod zich op de criteria die voor de consument het belangrijkste zijn, namelijk verkrijgingsgemak, beschikbaarheid van titels en prijs, onvoldoende gunstig afsteekt ten opzichte van het illegale aanbod enerzijds en fysieke dragers anderzijds.

Het aanbod van audiovisuele werken loopt achter op de muziekindustrie en is minder volledig en meer versnipperd. Dat heeft onder meer te maken met windowing (getrapte beschikbaarstelling van audiovisuele producties aan het publiek) en rechtenproblematiek. De markt voor online AV-consumptie staat dan ook nog in de kinderschoenen en zolang de compleetheid en actualiteit van het legale aanbod achterblijft op het illegale aanbod zal dat zo blijven. De VoD-markt ontwikkelt zich wel gunstig. Hoewel de compleetheid van dit aanbod onder meer door windowing te wensen overlaat, laat deze markt sterke groei zien.

In de markt voor games zijn er nauwelijks nog drempels voor digitale distributie. Digitale en fysieke distributie zijn complementair. Sommige games worden überhaupt niet fysiek geproduceerd en de online markt is groot, maar voor eerste aanschaffen kiezen consumenten nog vaak voor de fysieke distributie. Dit hangt samen met de grote omvang van deze bestanden, in combinatie met het feit dat online distributie geen of bijna geen prijsvoordeel biedt.

De markt voor e-boeken is spiegelbeeldig aan die voor muziek: voor e-boeken blijft vooralsnog het aanbod juist achter en lijkt de Nederlandse consument harder te willen dan de aanbieders. Nieuwe boeken komen steeds vaker ook als e-boek uit, zij het soms nog met enige vertraging. Maar de zogeheten backlist, de lijst met oudere titels die niet meer actief door de uitgever op de markt gezet worden, is nog amper digitaal beschikbaar. Bij oudere titels is niet altijd duidelijk wie de digitale exploitatierechten in handen heeft. De beperkte omvang van het taalgebied speelt ook een rol: het digitaliseren van een ouder Nederlandstalig boek zal zich minder snel terugverdienen dan een Engels of Frans boek.

Tot slot dient te worden opgemerkt dat de digitale markten zeer dynamisch zijn. Dit blijkt onder meer uit de progressie van de muzieksector, waar veel knelpunten die enkele jaren geleden nog actueel waren, inmiddels zijn overwonnen. Ook in andere sectoren blijken sommige drempels overkomelijk. Zo signaleren gesprekspartners dat minimumgaranties over afname van audiovisuele werken terrein verliezen en daarmee een steeds kleinere drempel voor contentaanbod vormen. Dat biedt hoop dat ook de drempels die in dit rapport geconstateerd worden, uiteindelijk zullen zijn geslecht.

IEF 11549

Thuiskopievergoedingen niet eigener beweging betaald

Hof 's-Gravenhage 15 juni 2012, LJN BX0772 (X tegen Inspecteur)

Thuiskopieheffing en belastingdienst. Rechtspraak.nl: Inkomstenbelasting. Belanghebbende drijft in de vorm van een eenmanszaak een ambulante handel in onder meer CD’s en DVD’s. In de jaren 2006 en 2007 zijn aan belanghebbende voor € 407.079 grote partijen blanco CD’s en DVD’s geleverd door en afkomstig van in België gevestigde leveranciers. Deze inkopen heeft belanghebbende niet in zijn administratie verwerkt. Naar aanleiding van een vanwege de Inspecteur ingesteld boekenonderzoek is bij de aanslagregeling de winst voor het jaar 2006 verhoogd met € 10.372 ter zake van meer genoten winst in verband met het hier te lande afzetten van de goederen uit België.

Uit 6.2. Met de Inspecteur is het Hof bovendien van oordeel dat uit de omstandigheid dat belanghebbende de thuiskopievergoedingen niet eigener beweging heeft betaald, redelijkerwijs is af te leiden dat een brutowinstpercentage is behaald dat ver ligt boven de in aanmerking genomen 12,5. Dat betekent dat de aanslag met een belastbaar inkomen uit werk en woning van € 21.462 (beslissing rechtbank) zeker niet tot een te hoog bedrag is opgelegd.

6.2. Nu vaststaat dat belanghebbende de in geding zijnde goederen, ook in het onderhavige jaar (2006), hier te lande heeft verhandeld dient de vraag te worden beantwoord - belanghebbende brengt dat naar voren - of de alsdan terecht belopen correctie tot een te hoog bedrag is vastgesteld. De ter berekening van de te heffen belasting en premie gehanteerde bedragen zijn afkomstig van de boekhouding van belanghebbende en van door belanghebbende verstrekte informatie verhoogd met een winstpercentage van 12,5 van de inkoopwaarde na een door belanghebbende zelf opgegeven in de branche gebruikelijk te realiseren winstpercentage tussen 10 en 15. Belanghebbende brengt in dat slechts een winstpercentage in aanmerking mag worden genomen van 3,8. Dat percentage maakt hij evenwel op geen enkele wijze waar en komt het Hof ook als onaannemelijk voor. Met de Inspecteur is het Hof bovendien van oordeel dat uit de omstandigheid dat belanghebbende de thuiskopievergoedingen niet eigener beweging heeft betaald, redelijkerwijs is af te leiden dat een brutowinstpercentage is behaald dat ver ligt boven de in aanmerking genomen 12,5. Dat betekent dat de aanslag met een belastbaar inkomen uit werk en woning van € 21.462 (beslissing rechtbank) zeker niet tot een te hoog bedrag is opgelegd.

6.3. Belanghebbende heeft nog gesteld dat in verband met een ter zake van de in geding zijnde leveringen verschuldigde omzetbelasting opgelegde naheffingsaanslag en in verband met de gevorderde thuiskopievergoeding ten laste van het resultaat een voorziening kan worden gevormd. Dienaangaande overweegt het Hof dat belanghebbende tegenover de gemotiveerde betwisting door de Inspecteur onvoldoende feiten en omstandigheden aannemelijk heeft gemaakt die de conclusie rechtvaardigen dat de schulden waarop de geclaimde voorziening ziet ooit zullen worden betaald. De door belanghebbende overgelegde informatie omtrent een gestelde bankgarantie ziet op een ander tijdvak dan hier aan de orde.

IEF 11548

Website in de vorm van een gewijzigde homepage The Pirate Bay

Ex parte beschikking Vzr. Rechtbank 's-Gravenhage 6 juli 2012, KG RK 12-1468 (Stichting BREIN tegen Greenhost)

Nog een ex parte in zake The Pirate Bay-blokkade [zoekopdracht]. Ex parte verzoekschrift ex 1019e Rv. Greenhost biedt via het subdomein all4xs/net/repress/thepiratebay.se een omzeiling van de eerdere blokkades van The Pirate Bay middels een dedicated / reverse proxy aan. Een proxy werkt als een "tussenstation" tussen de computer van de gebruiker en het internet. De voorzieningenrechter beveelt gerekwestreerde binnen zes uur na betekening van deze beschikking de dienst te staken, meer in het bijzonder het ter beschikking stellen van de website The Pirate Bay via het subdomein all4xs.net/repress/thepiratebay.be of via andere adressen. Op straffe van een dwangsom van €1000 voor iedere dag met een maximum van €1.000.000.

Uit het verzoekschrift:

III.1 Openbaarmaking door Greenhost
42. Met haar dienst voert Greenhost een "interventie" uit waardoor de beschermde werken toegankelijk worden gemaakt voor een ruimer publiek dan dat waarop de rechthebbenden doelden toen zij toestemming verleenden voor het gebruik van hun werken. Er is sprake van een uitbreiding (of het "opentrekken") van de kring van kijkers of luisteraars die tot de op The Pirate Bay aangeboden werken toegang hebben, als bedoeld in het arrest Airfield [red. IEF 10332] pars 76 en 77.

48. Daarnaast levert ook het ter beschikking stellen van bestanden die rechtstreeks op The Pirate Bay staan, waaronder de covers van muziek cd's, film- en game dvd's een inbreuk op de rechten van de aangeslotenen bij BREIN op. Deze covers worden ter beschikking gesteld in de zogenaamde "torrentbeschrijvingen" van The Pirate Bay via de server van Greenhost.

III.2. Artikel 26d Aw en 15e Wnr
52. Greenhost en haar dienst kan feitelijk gelijkgesteld worden met (de beheerders van) The Pirate Bay zelf omdat Greenhost welbewust uitsluitend de volledige inhoud van The Pirate Bay één-op-één ter beschikking stelt via haar subdomein [...]. Ook voor Greenhost geldt daarom dat zij gedwongen kan worden op grond van 26d Aw en 15e Wnr het faciliteren van inbreukmakend handelen te staken.

III.3 Ex parte bevel mogelijk tegen tussenpersonen
65. Een ex parte bevel is mogelijk tegen een tussenpersoon wiens diensten gebruikt worden om inbreuk te maken. Dat volgt uit artikel 9 lid 4 jo. 9 lid 1 Handhavingsrichtlijn, artikel 1019e Rv, dat artikel 9 lid 4 Handhavingsrichtlijn in de Nederlandse wetgeving implementeerd en de wetsgeschiedenis van artikel 1019Rv (...) Een soortgelijk bevel moet ook jegens tussenpersonen gevorderd kunnen worden (...) Deze maatregelen kunnen in passende gevallen ex parte genomen worden (vier lid)"

III.4. Regime van artikel 6:196c BW
72. Aan Greenhost komt geen beroep toe op artikel 6:196c BW en de daarin neergelegde aansprakelijkheidsexcepties voor verleners van mere conduit, caching en hosting diensten die voortvloeien uit artikel 12, 13 en 14 van de E-Commercerichtlijn (2000/31)

73. Greenhost is immers geen "hosting provider" en is ook geen aanbieder van "mere conduit". Zij biedt zelf een website aan in de vorm van een gewijzigde homepage van The Pirate Bay en waarmee zij The Pirate Bay één op één ter beschikking stelt aan het publiek. Zij biedt daarmee een eigen dienst aan, die in hoge mate gelijk is aan die van The Pirate Bay ( die evenmin van de genoemde excepties gebruik kan maken) en daarom, net zo goed als The Pirate bay, in aanmerking komt voor een verbod.

Persbericht Greenhost.

IEF 11546

Teeven overweegt om in te grijpen bij amvb

Kamerbrief onderzoek CvTA over Buma-Stemra, 5 juli 2012, kenmerk 282238.

Uit't bericht van VOI©E: In een brief aan de Tweede Kamer d.d. 5 juli reageert staatssecretaris Teeven op het onderzoeksrapport van het College van Toezicht [red. IEF 11311, en nadere lezing IEF 11313] over het functioneren van Buma/Stemra naar aanleiding van de claim van componist M. Rietveldt en de betrokkenheid van voormalig Stemra-bestuurder J. Gerrits. Teeven kondigt als mosterd na de maaltijd een aantal maatregelen bij AMvB aan. De beoogde verbeteringen zijn echter al beter door de leden van VOI©E geregeld.

VOI©E spreekt in haar artikel met de sprekende titel "Teeven wil bij AMvB regelen wat al (beter) is geregeld" van een onterecht verwijt aan het adres van Buma-Stemra, omdat er in overleg met CvTA Richtlijnen voor goed bestuur en integriteit zijn gemaakt. Over de verdere onderwerpen 'tegenstrijdig belang regeling', klachtafhandeling, transparantie en inspraak in de Socu-gelden, laat zij weten dat al dit soort zaken reeds goed en flexibel zijn geregeld, o.a. in het jaarlijks onafhankelijk gecontroleerde CBO-Keurmerk.

Uit de brief: Omgaan met integriteitskwesties en tegenstrijdig belang situaties Het College concludeert dat er binnen Buma-Stemra geen procedurele waarborgen bestaan waarmee kan worden voorkomen dat er een ongewenste verstrengeling van belangen, dan wel de schijn daarvan, kan ontstaan. In de ogen van het College is dit een lacune in de geldende governance regels van BumaStemra. Het College adviseert Buma-Stemra voorts om te voorzien in een klachtenprocedure die duidelijk onderscheid maakt tussen commentaren en daadwerkelijke klachten en in een kenbare procedure voor het behandelen van klachten en geschillen met rechthebbenden wanneer de procedure bij de afdeling Member Services niet leidt tot een tijdig of voor de rechthebbende aanvaardbaar besluit. (...)

De voorgestelde organisatiestructuur van Buma-Stemra gaat dus uit van vertegenwoordiging van bloedgroepen in het bestuur, terwijl datzelfde bestuur uiteindelijk verantwoordelijk is voor de afhandeling van klachten, waarbij bestuurders een eigen belang kunnen hebben dat tegengesteld is aan het belang van Buma-Stemra. Indien Buma-Stemra vasthoudt aan deze organisatiestructuur, zou daar een stevige regeling voor tegenstrijdig belang situaties tegenover moeten staan. Daarom ben ik voornemens om naar aanleiding van de bevindingen van het College een tegenstrijdig belang regeling op te nemen in een amvb “good governance collectief beheer”. Op grond van het wetsvoorstel toezicht (artikel 2, derde lid) kunnen bij amvb regels worden gegeven voor de inrichting en het bestuur van een collectieve beheersorganisatie. Dit heeft als voordeel dat de regeling niet alleen geldt voor Buma-Stemra maar ook voor de andere onder toezicht gestelde collectieve beheersorganisaties. Een duidelijke norm voor omgaan met tegenstrijdig belang situaties van bestuurders en directeuren is bij alle collectieve beheersorganisaties essentieel. Op dit moment vindt er bijvoorbeeld ook bij SENA en Lira een herziening van de bestuurlijke organisatie plaats. Ook bij LIRA krijgt de functie van onafhankelijke bestuursvoorzitter een centrale rol in de nieuwe governance structuur. Naast de amvb “Good governance collectief beheer” zal ik, zoals toegezegd, ook een amvb voorbereiden die zorgt voor een nadere uitwerking van de onderwerpen uit het wetsvoorstel toezicht die betrekking hebben op de financiële aspecten van collectieve beheersorganisaties, zoals het beleggingsverbod en de normering van de beheerskosten

Klachtafhandeling bij Buma-Stemra
Ten aanzien van de klachtafhandeling binnen Buma-Stemra concludeert het College dat Buma-Stemra tekort is geschoten in de behandeling van de claim van M. Rietveldt. Volgens het College heeft de behandeling van de klacht te lang geduurd en heeft Buma-Stemra de onduidelijkheid over de omvang van de claim lange tijd laten voortduren. In algemene zin constateert het College dat het klachtafhandelingssysteem van Buma-Stemra geen duidelijk onderscheid maakt tussen wat wordt aangeduid als “commentaren” en klachten en onvoldoende voorziet in een duidelijke procedure ingeval een commentaar escaleert tot een geschil. Het College adviseert Buma-Stemra om duidelijk onderscheid te maken tussen commentaren en daadwerkelijke klachten en te voorzien in een kenbare procedure voor het behandelen van klachten en geschillen met rechthebbenden.

Ook ten aanzien van de afhandeling van klachten van rechthebbenden ben ik voornemens om een regeling te treffen in de amvb “Good governance collectief beheer”. In die amvb zal uitgangspunt zijn dat een klachtenregeling, anders dan thans het geval is bij Buma-Stemra, ook moet gelden voor vorderingen die een bedrag van 100.000 euro te boven gaan. Het College heeft in dit verband terecht aangegeven dat juist bij dergelijke grotere vorderingen het gevaar voor escalatie aanwezig is. In de amvb “Good governance collectief beheer” zal een overgangsregeling worden opgenomen die de collectieve beheersorganisaties in staat stelt om maatregelen te nemen die nodig zijn om aan de amvb te voldoen.

Buma Cultuur
Blijkens het jaarverslag over 2010 houdt Buma Cultuur zich bezig met het ondersteunen en promoten van het Nederlands muziekauteursrecht in zowel Nederland als de belangrijkste exportmarkten voor de Nederlandse muziek met als doel enerzijds het aandeel op de Nederlandse markt te vergroten en anderzijds een hogere inkomstenstroom door het gebruik van Nederlands muziekauteursrecht uit buitenlandse markten te stimuleren. Buma Cultuur wordt voornamelijk gefinancierd uit een bijdrage van de Vereniging Buma.

Het College adviseert om ten aanzien van Buma Cultuur wijzigingen door te voeren die de inspraak van de leden in de bestedingen en de transparantie van het beleid van Buma Cultuur vergroten, waaronder maatregelen die de integriteit binnen het bestuur van Buma Cultuur waarborgen.

Ook op dit punt overweeg ik om in te grijpen bij amvb. Daarbij denk ik aan een regeling die ervoor zorgt dat de aangesloten rechthebbenden inspraak hebben in het beleid ten aanzien van collectieve bestemming van gelden en dat collectieve beheersorganisaties inzage moeten geven in dat beleid. Dit sluit aan bij eerdere aanbevelingen van het College in de notitie Socubeleid.

IEF 11544

Opmerkingen Parlement in adviesprocedure ACTA

JURI Report, Newsletter of the European Parliament Legal Affairs Committe, july 2012, nr. 7/2012-7L, p.6..

Op de agenda: Aanstaande maandag 9 juli zal de JURI-commissie in camera de opmerkingen van het Europees Parlement behandelen die betrekking hebben op het verzoek van de Europese Commissie om een advies [red. IEF 11529] van het Hof van Justitie over het [red. weggestemde, IEF 11531] ACTA-Verdrag.

Ook is verzocht om aan de Voorzitter een aanbeveling te geven om in deze adviesprocedure namens het Parlement opmerkingen in te zenden ex 128 lid 4 Reglement van het Europees Parlement.

IEF 11542

Vragen HvJ EU filtermaatregel access-provider, kopie illegale bron

Oberste Gerichtshof (Oostenrijk), 11 mei 2012, 4Ob6/12d (Kino.to) - persbericht

Getipt door Dirk Visser, Klos Morel Vos & Schaap.

Het Handelsgericht en het Oberlandesgericht beiden te Wenen hebben een access provider via een Einstweiliger verfüging (vergelijkbaar met een ex parte-procedure) verboden om klanten de toegang tot kino.to te verschaffen zolang daar bepaalde films onrechtmatig ter beschikking worden gesteld. Hoewel de website kino.to ondertussen offline is gehaald, blijven er fundamentele vragen die de getroffen access provider in de Revisionrekurs bij het Oberste Gerichtshof.

Op grond van artikel 8 lid 3 van de info-richtlijn [red. "De lidstaten zorgen ervoor dat de rechthebbenden kunnen verzoeken om een verbod ten aanzien van tussenpersonen wier diensten door een derde worden gebruikt om inbreuk te maken op een auteursrecht of naburige rechten"] vraagt de access provider zich af in hoeverre een onrechtmatig handelende aanbieder (kino.to) gebruik maakt van de diensten van de access provider, daar waar de 'opvrager' slechts via hun eigen provider toegang heeft op het aanbod.

Indien dit gebruik door de aanbieder niet wordt aangeboden, dan rest de vraag of ook klanten, als zij downloaden van of het aanbod van kino.to bekijken, een inbreuk maken op het auteursrecht dan wel naburige rechten. Dat is niet vanzelfsprekend, immers is een digitale privékopie en een tijdelijke verveelvoudiging (streaming) onder bepaalde voorwaarden toegestaan.

Is de access provider dan alsnog verantwoordelijk, dan is een algemeen verbod op de bemiddeling van het aanbod of de inrichting van specifieke maatregelen (filterverplichting) denkbaar. Daarbij moet worden bepaald of zulke maatregelen verenigbaar zijn met het evenredigheidsbeginsel uit het Unierecht.

Dirk Visser voegt toe: Dit is nogal van belang voor de Brein/providers-zaken (over The Pirate Bay) én voor de zaak ACI c.s. / Thuiskopie [red. IEF 11299] over de vraag of privé kopiëren uit illegale bron mag c.q. mag worden meegenomen bij de bepaling van de hoogte van de Thuiskopie-vergoeding.

De exacte vragen (Duitstalig):

1. Ist Art 8 Abs 3 RL 2001/29/EG (Info-RL) dahin auszulegen, dass eine Person, die ohne Zustimmung des Rechteinhabers Schutzgegenstände im Internet zugänglich macht (Art 3 Abs 2 Info-RL), die Dienste der Access-Provider jener Personen nutzt, die auf diese Schutzgegenstände zugreifen?

2. Wenn Frage 1 verneint wird:

Sind eine Vervielfältigung zum privaten Gebrauch (Art 5 Abs 2 lit b Info-RL) und eine flüchtige und begleitende Vervielfältigung (Art 5 Abs 1 Info-RL) nur dann zulässig, wenn die Vorlage der Vervielfältigung rechtmäßig vervielfältigt, verbreitet oder öffentlich zugänglich gemacht wurde?

3. Wenn Frage 1 oder Frage 2 bejaht wird und daher gegen den Access-Provider des Nutzers gerichtliche Anordnungen nach Art 8 Abs 3 Info-RL zu erlassen sind:

Ist es mit dem Unionsrecht, insbesondere mit der danach erforderlichen Abwägung zwischen den Grundrechten der Beteiligten, vereinbar, einem Access-Provider ganz allgemein (also ohne Anordnung konkreter Maßnahmen) zu verbieten, seinen Kunden den Zugang zu einer bestimmten Website zu ermöglichen, solange dort ausschließlich oder doch weit überwiegend Inhalte ohne Zustimmung der Rechteinhaber zugänglich gemacht werden, wenn der Access-Provider Beugestrafen wegen Verletzung dieses Verbots durch den Nachweis abwenden kann, dass er ohnehin alle zumutbaren Maßnahmen gesetzt hat?

4. Wenn Frage 3 verneint wird:

Ist es mit dem Unionsrecht, insbesondere mit der danach erforderlichen Abwägung zwischen den Grundrechten der Beteiligten, vereinbar, einem Access-Provider bestimmte Maßnahmen aufzutragen, um seinen Kunden den Zugang zu einer Website mit einem rechtswidrig zugänglich gemachten Inhalt zu erschweren, wenn diese Maßnahmen einen nicht unbeträchtlichen Aufwand erfordern, aber auch ohne besondere technische Kenntnisse leicht umgangen werden können?

IEF 11533

The Pirate Bay Blokkade - De grieven van XS4ALL

Een bespreking van de grieven van XS4All door Patrick Schreurs*, News-Service.com.

Al sinds 2010 is Stichting BREIN bezig om internet access providers de toegang tot de website van The Pirate Bay (TPB) te laten blokkeren. Tot nu toe is geen enkele provider bereid geweest om hier vrijwillig, dus zonder rechtelijk bevel, aan mee te werken. Hieronder een overzicht van de uitspraken omtrent The Pirate Bay blokkade tot nu toe:

19 juli 2010 – Kort geding tegen Ziggo en XS4ALL – Geen blokkade [red. IEF 8988]
11 januari 2012 – Bodem procedure tegen Ziggo en XS4ALL – Wel blokkade [red. 10763]
10 mei 2012 – Kort geding tegen UPC, KPN, T-mobile en Tele2 – Wel blokkade [red. 11287]

Alle betrokken providers blokkeren inmiddels de toegang tot de website van TPB en alle betrokken providers zijn in hoger beroep gegaan. Ook ZeelandNet is inmiddels door Brein voor de rechter gedaagd. Vorige week maakte XS4ALL bekend dat ze haar grieven voor het hoger beroep bij het gerechtshof inmiddels heeft ingediend. Dit document, Memorie van Grieven (MvG) genoemd, is een opsomming van punten uit het vonnis waar XS4ALL het niet mee eens is. Het document bevat 23 grieven en beslaat 108 pagina’s.

Hieronder bespreek ik de meest opvallende grieven of die grieven die het vermelden waard zijn.

Grief 1
Naar de mening van XS4ALL heeft de rechtbank de werking van BitTorrent niet goed beschreven. XS4ALL benoemt 10 onjuistheden. Er wordt onder andere uitgelegd dat een downloader (leecher) niet automatisch een uploader (seeder) wordt en dat er verschil moet worden gemaakt tussen een normale seeder en een initial seeder (iemand die torrent bestanden zelf aanmaakt en uploadt).

Grief 2
In deze grief legt XS4ALL uit dat de rol van TPB verkeerd is beschreven door de rechtbank. Er kunnen geen mediabestanden worden gedownload op TPB; TPB is niets anders dan één van de vele index websites; Magnet links en torrent bestanden bevatten geen auteursrechtelijk beschermd materiaal; de enige inbreukmakende handeling is het uploaden van mediabestanden en dit vindt volledig buiten de omgeving van TPB plaatst; de abonnees van XS4ALL maken dus geen inbreuk via TPB.

Grief 4
De aanname van de rechtbank dat circa 90 tot 95% van de torrents op TPB illegaal zijn klopt niet. De steekproeven zijn niet volledig willekeurig geselecteerd en niet alle categorieën zijn onderzocht. De resultaten zijn dus niet representatief voor het volledige aanbod op TPB. De onderzoeken die Brein zelf heeft verricht zijn niet volgens een statische rekenmethode tot stand gekomen.

Grief 5
De rechtbank heeft geconcludeerd dat 30% van de abonnees van Ziggo recent via TPB heeft gedownload en dus heeft geüpload en 4,5% van de abonnees van XS4ALL. Brein heeft slechts 4 films onderzocht die of Nederlandstalig waren of Nederlands waren ondertiteld. Dit geeft een vertekend beeld, omdat deze films vooral vanaf Nederlandse access providers (en dus ook Ziggo en XS4ALL) zullen worden uitgewisseld. Bovendien is het aantal onderzochte films te klein.Tot slot zegt de uitwisseling van data via BitTorrent niets over het gebruik van de website van TPB.

Grief 7
Aangezien TPB geen auteursrechtinbreuk pleegt (geen zelfstandige openbaarmaking), leveren XS4ALL en Ziggo ook geen dienst aan TBP die gebruikt wordt om inbreuk mee te plegen. Hierdoor is het artikel uit de Auteurswet waarop Brein zich baseert niet van toepassing. Bovendien treft de maatregel niet alleen specifieke, concrete inbreuken, maar treft de maatregel alle abonnees van XS4ALL en Ziggo.

Grief 8 en 9
Een internet access provider kan geen filterverplichting worden opgelegd. Aanbieders van internettoegangsdiensten zijn gevrijwaard van aansprakelijkheid voor het onrechtmatige karakter van de doorgegeven informatie. Dit is ook recent in de zaak Scarlet/Sabam [red. IEF door het Hof van Justitie bevestigd. Er mag aan tussenpersonen geen algemene toezichtverplichting worden opgelegd en tussenpersonen mogen niet worden verplicht om actief te zoeken naar feiten of omstandigheden die op onwettige activiteiten duiden. Filteren valt onder deze laatste categorie.

Grief 10 t/m 15
De blokkade treft een aantal fundamentele grondrechten. Een eis voor elke beperking van de fundamentele grondrechten is dat deze moet zijn voorzien bij wet, een legitiem doel dient en noodzakelijk is in een democratische samenleving. De rechtbank heeft deze toetsing niet juist verricht, en volgens XS4ALL voldoet de blokkade ook niet deze eisen. De blokkade dient voldoende effectief (en dus proportioneel) te zijn, maar is dat niet omdat de blokkade makkelijk is te omzeilen. Brein geeft aan dat de blokkade in ieder geval een extra barrière is, maar dat is onvoldoende, gelet op de beperking van het recht op informatievrijheid, het recht op privacy en het recht op ondernemerschap. De blokkade is tot slot niet proportioneel omdat de blokkade niet heeft geleid tot minder BitTorrent verkeer bij XS4ALL en Ziggo.

XS4ALL is van mening dat er maatregelen voorhanden zijn die minder ingrijpend zijn voor XS4ALL en haar abonnees, waarmee Brein hetzelfde doel kan bereiken. Er wordt bijvoorbeeld gesuggereerd om voorlichtingscampagnes op scholen te geven of om het legale aanbod voor met name films en boeken te vergroten. Ook suggereert XS4ALL om de partijen die de bron vormen van het illegale aanbod (de zogenaamde releasegroups), de makers van de BitTorrent software of de transit providers van TPB aan te spreken.

Grief 16
De blokkade treft de eindgebruikers van XS4ALL en ZIggo, maar deze eindgebruikers zijn niet gehoord en zij hebben niet de mogelijkheid om in beroep te gaan tegen deze beperking van hun fundamentele rechten. Dit is in strijd met het recht op een eerlijke rechtspleging.

Grief 17
De rechtbank had Brein geen carte blanche mogen geven om zonder rechtelijke tussenkomst een onbeperkt deel van het internet voor onbepaalde tijd ontoegankelijk te maken voor 1,8 miljoen Nederlandse burgers. XS4ALL verwijst naar de rechtbank in Den Haag die in de zaak van Brein tegen UPC, KPN, T-mobile en Tele2 anders heeft beslist [red. 11287]. XS4ALL wordt op kosten gejaagd doordat XS4ALL moet controleren of de door Brein opgegeven informatie nog wel correct is en indien dit niet het geval blijkt te zijn, moet XS4ALL een executiegeschil starten.

Grief 18
De rechtbank heeft de vereisten van de nieuwe Telecommunicatiewet niet juist getoetst. In de nieuwe Telecommunicatiewet (die per 1 januari 2013 van kracht wordt), is netneutraliteit vastgelegd. Hiermee spreekt de politiek zich uit voor een vrije en onbeperkte toegang tot het internet en tegen filtering en blokkades.

Tot zover de grieven van XS4ALL. Nu is Brein weer aan zet. XS4ALL verwacht pas een uitspraak in de loop van 2013. * Aangezien ik voor News-Service.com ook bezig ben met het werken aan de memorie van grieven, vond ik het erg nuttig om de grieven van XS4ALL te lezen.

Het omzeilen van The Pirate Bay blokkade is kinderlijk eenvoudig. Brein laat het er echter niet bij zitten en spreekt inmiddels ook beheerders van proxies aan. TPB heeft wel zin in het kat en muis spel en geeft de website zo nu een dan een nieuw IP adres (met de komst van IPv6 beschikt TPB over maar liefst 8.446.744.073.709.551.616 IP adressen). XS4ALL en Ziggo moeten deze nieuwe IP adressen op verzoek van Brein toevoegen aan de blokkade. Voor UPC, KPN, T-mobile en Tele2 moet Brein [red. IEF 11503] elke keer weer naar de rechter voor een rechtelijk bevel (een ex parte verbod).

Brein zegt vol trots in haar gisteren gepubliceerde half jaar rapport dat het bezoek van de website van TPB is gekelderd. Dat is niet zo vreemd als de zes grootste Nederlandse access providers die tezamen 90% van de markt bedienen de toegang tot de website blokkeren (duh). Mensen die TPB via een omweg bezoeken (bijvoorbeeld via een proxy), bezoeken de website vanaf een ander, vaak een niet-Nederlands, IP adres. Om deze reden is ook de claim dat de populariteit van TPB drastisch zou zijn gedaald volledig ongegrond. Lees vooral ook even de altijd vakkundige analyse van GeenStijl. Zoals gezegd heeft de Universiteit van Amsterdam aangetoond dat The Pirate bay blokkade geen enkel effect heeft op de hoeveelheid (auteursrechtelijk beschermde) data dat via BitTorrent wordt uitgewisseld. Je kunt je dus afvragen wat het nut van dit alles is.

In steeds meer landen moeten internet accesss providers de toegang tot de website van TPB blokkeren (uitzonderingen daargelaten). De politiek lijkt echter geen voorstander te zijn van het blokkeren van websites. De grieven lijken mij goed onderbouwd. Maar zal het voldoende zijn?

Update 17.00 uur: XS4ALL maakt vandaag bekend dat de hoeveelheid BitTorrent verkeer op haar netwerk zelfs is toegenomen sinds de blokkade.

* Aangezien auteur voor News-Service.com ook bezig is met het werken aan de memorie van grieven, vond hij het erg nuttig om de grieven van XS4ALL te lezen.

IEF 11529

Verzoek om advies van Commissie aan HvJ EU

Verzoek om advies aan de leden van het Hof van Justitie van de Europese Unie, indiend door de Europese Commissie over het ACTA-Verdrag, adviesverzoek van 10 mei 2012, EC A-001/12.

Nu het Europees Parlement het verdrag dreigt te verwerpen (NU.nl) en in navolging van het Statement van Commissioner Karel de Gucht, IEF 10947, de woordelijke tekst van het verzoek aan het HvJ EU. Uit hoofde  van 218, lid 11 VWEU vraagt  de Europese Commissie: "Is de voorgenomen handelsovereenkomst ter bestrijding van namaak (Anti Counterfeiting Trade Agreement - ACTA) verenigbaar met de Verdragen en in het bijzonder met het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie?"

De Commissie acht ACTA verenigbaar met de EU-verdragen. Zij meent dat veel stellingen ontbreken over onverenigbaarheid van de onderbouwing die nodig is om doelmatig op de bezwaren in te gaan. De Commissie gaat slechts in op stellingen die voldoende duidelijk zijn verwoord om behandeld te kunnen worden door het Hof. Zij is vanzelfsprekend vrij om onderzoek te doen naar bepalingen die de Comissie onvoldoende beargumenteerd acht.

De Commissie gaat in het bijzonder in op de bezwaren tegen artikel 12, lid 2 (ex parte, voorlopige maatregelen zonder de tegenpartij te hebben gehoord) en artikel 12 lid 4 (beschikbaar stellen van bewijs en een soort garantstelling voor schadeloosstelling van ten onrechte beschadigde partijen). De verenigbaarheid met het handvest van artikel 27 lid 4 (verstrekking informatie over abonnees tegenover de bescherming van persoonsgegevens) wordt ook uitgebreid besproken.

Overige aandachtspunten zijn artikel 11 ACTA (informatierechten in civiele procedures), artikel 23 lid 1 (over het begrip ‘commerciële schaal’), artikel 27 lid 1 (handhavingsprocedures) en artikel 27 lid 3 (over de samenwerking in het bedrijfsleven).

De conclusie van de Commissie naar aanleiding van haar onderzoek luidt:
“De voorgenomen handelsovereenkomst ter bestrijding van namaak (ACTA) is verenigbaar met de Verdragen en in het bijzonder met het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie”.

Volledige ACTA-tekst.

IEF 11527

Promotiesticker voor nieuw merk aan het eind van de distributierelatie

Vzr. Rechtbank Arnhem 28 juni 2012, LJN BX3806 KG ZA 12-276 (De Bever tegen Nedac Sorbo)

Uitspraak ingezonden door Menno Jansen, Spectrum advocaten

De Bever ontwikkelt en produceert reinigingsmiddelen, waaronder een lijn met de naam BLUE WONDER. Nedac Sorbo heeft sinds 2005 met De Bever een exclusieve licentieovereenkomst voor de distributie van Blue Wonder- producten. Sinds 2010 is er onderhandeld over de verlenging van deze overeenkomst en over de beëindiging van de samenwerking, omdat De Bever zelf haar producten op de markt zal gaan brengen. Om bekendheid te geven aan de introductie van de nieuwe Sorbo Ultra Clean heeft Nedac Sorbo een promotieactie gehouden waarbij een oranje actiesticker is aangebracht op de Sorbo Blue Wonder-fles. In totaal zijn zo er 38.000 flessen geleverd.

Niet het beeldmerk, maar slechts het woordmerk wordt vermeld in deze promotiecampagne. Een beroep op de overeengekomen finale kwijting faalt, omdat de afspraken hierover niet gaan over expliciete afspraken over hoe partijen met elkaars merkrechten zullen omgaan.

Dat Nedac Sorbo gerechtigd is tot het verhandelen van de nog beschikbare voorraad tot 1 augustus impliceert geen toestemming om het merk Blue Wonder te gebruiken voor de presentatie en promotie van de eigen concurrerende nieuwe productlijn.

5.17. Deze promotieactie van Nedac Sorbo, waarbij flessen van de Blue Wonder-producten die voorzien zijn van het woordmerk Blue Wonder zonder toestemming van De Bever zijn beplakt met de actiesticker die verwijst naar het concurrerende product van Nedac Sorbo en waarbij bovendien de indruk wordt gewekt dat de Blue Wonder-producten zullen verdwijnen, kan bij de consument verwarring veroorzaken omtrent de commerciële relatie tussen partijen en de herkomst van het merk Blue Wonder, hierin bestaande dat het product Blue Wonder afkomstig is van partijen gezamenlijk, althans dat tussen hen een commerciële band bestaat. Hierdoor zal het merk Blue Wonder door de consument geassocieerd kunnen worden met de waren van Nedac Sorbo, zodat afbreuk wordt gedaan aan de herkomstaanduidingsfunctie van het merk Blue Wonder. Daarnaast kan er bij de consument verwarring ontstaan omdat de wijze van bestickering en de inhoud van de tekst op de actiesticker suggereert dat het product Blue Wonder als zodanig van de markt zal verdwijnen en zal worden vervangen door het product Sorbo Ultra Clean. Ook hierdoor wordt de herkomstaanduidingsfunctie van het merk Blue Wonder aangetast.

De vorderingen zijn echter ruim geformuleerd, maar het wordt Nedac Sorbo verboden om de gebruikte actiesticker en de suggestieve tekst daarop te gebruiken. Ook wordt zij verboden om Blue Wonder te gebruiken ter presentatie en promotie van haar eigen productlijn. Sorbo dient opgave te doen en online te rectificeren.

In reconventie wordt het De Bever verboden inbreuk te maken op de auteursrechten en merkrechten van Nedac Sorbo, meer in het bijzonder door zich te onthouden van het aanbieden van Sorbo Blue Producten (door Nedac Sorbo vormgegeven fles met bedrukking van het etiket). Nedac Sorbo is tot 1 augustus 2012 gerechtigd om de (Sorbo) Blue Wonder-producten uit te leveren. En De Bever dient een brief te zenden aan afnemers waarin de distributierelatie wordt uitgelegd.

Promotie/actiesticker
5.4. De voorzieningenrechter merkt allereerst op dat thans door Nedac Sorbo haar nieuwe productlijn reinigingmiddelen "Sorbo Ultra Clean" en door De Bever haar vernieuwde productlijn Blue Wonder-producten op de markt worden afgezet. Dit is in de vaststellingsovereenkomst met zoveel woorden geregeld. Daarnaast brengt Nedac Sorbo haar bestaande voorraden (Sorbo) Blue Wonder-producten op de markt, waartoe zij tot 1 augustus 2012 is gerechttigd ingevolge de vaststellingsovereenkomst. Een deel van deze (Sorbo) Blue Wonder-producten is echter bestickerd met de betreffende oranje actiesticker in het kader van de promotieactie van Nedac Sorbo. Daaromtrent zijn partijen niet uitdrukkelijk iets overeengekomen.

5.6. (...) Dit Blue Wonder-beeldmerk is afgebeeld op de verpakkingen van de vernieuwde productlijn Blue Wonder-producten van De Bever. Dit beeldmerk komt echter in het geheel niet voor in de beweerde inbreukmakende promotieactie van Nedac Sorbo noch op de verpakking van de (oude) Blue Wonder-producten waarop de actiesticker is bevestigd, zodat de promotieactie ook geen inbreuk kan opleveren op dit beeldmerk. Dit Blue Wonder-beeldmerk zal bij de beoordeling van de gestelde merkinbreuk dan ook verder buiten beschouwing worden gelaten. Derhalve dient te worden beoordeeld of Nedac Sorbo met haar promotieactie inbreuk maakt op het woordmerk van Blue Wonder van De Bever.

Verweer: geen inbreuk
5.15 Nedac Sorbo voert ten slotte het verweer dat de promotieactie geen merkinbreuk oplevert, omdat de op de actiesticker en de website www.uwhulpinhuis.nl vermelde informatie feitelijk juist is en op geen enkele wijze denigrerend richting De Bever is en ook geen afbreuk doet aan de reputatie van het merk Blue Wonder. Zij stelt dat op de actiesticker slechts op referende wijze gebruik wordt gemaakt van het merk Blue Wonder. Nedac sorbo dient immers de consument te kunnen informeren dat zij niet langer het product Sorbo Blue Wonder in haar assortiment van schoonmaakmiddelen opneemt, maar zal vervangen door producten van het merk Sorbo Ultra Clean.

Vzr: herkomstaanduidingsfunctie aangetast
5.16. De voorzieningenrechter constateert dat de tekst "Ultra Clean" op de actiesticker in een vergelijkbaar lettertype en grootte is als de tekst "Blue wonder" op het etiket van de fles (Sorbo) Blue Wonder en voorts dat de actisticker zodanig op het etiket van de fles is geplaatst dat de tekst Ultra Clean pal boven de tekst Blue Wonder staat. Door deze wijze van bestickering lijkt het alsof de naam van het Blue Wonder-product wordt gewijzigd in Sorbo Ultra Clean. Met de bijgeschreven tekst op de actiesticker dat Sorbo Blue Wonder wordt vervangen door Ultra Clean wordt de indruk versterkt dat Blue Wonder-producten geheel van de markt zullen verdwijnen. (...)

5.17. Deze promotieactie van Nedact Sorbo, waarbij flessen van de Blue Wonder-producten die voorzien zijn van het woordmerk Blue Wonder zonder toestemming van De Bever zijn beplakt met de actiesticker die verwijst naar het concurrerende product van Nedac Sorbo en waarbij bovendien de indruk wordt gewekt dat de Blue Wonder-producten zullen verdwijnen, kan bij de consument verwarring veroorzaken omtrent de commerciële relatie tussen partijen en de herkomst van het merk Blue Wonder, hierin bestaande dat het product Blue Wonder afkomstig is van partijen gezamenlijk, althans dat tussen hen een commerciële band bestaat. Hierdoor zal het merk Blue Wonder door de consument geassocieerd kunnen worden met de waren van Nedac Sorbo, zodat afbreuk wordt gedaan aan de herkomstaanduidingsfunctie van het merk Blue Wonder. Daarnaast kan er bij de consument verwarring ontstaan omdat de wijze van bestickering en de inhoud van de tekst op de actiesticker suggereert dat het product Blue Wonder als zodanig van de markt zal verdwijnen en zal worden vervangen door het product Sorbo Ultra Clean. Ook hierdoor wordt de herkomstaanduidingsfunctie van het merk Blue Wonder aangetast.

Reconventie: gebruik van Sorbo-merken door De Bever
6.9. Naast het hiervoor omschreven gebruik van de Sorbo-merken van Nedac Sorbo heeft Der Bever de merknaam Sorbo ook gebruik door op 11 mei 2012 aan afnemers (Sorbo) Blue Wonder producten aan te bieden die opgenomen zijn in de als bijlage gevoegde artikellijst. De Bever erkent dat in de bijgevoegde artikellijst in de productomschrijvingen de merknaam Sorbo meerdere keren is geplaatst, maar stelt dat dit een administratieve fout betreft en dat zij aan afnemers alleen haar eigen nieuwe productlijn van Blue Wonder artikelen verkoopt, waarop geen enkele verwijzing naar Nedac Sorbo of de Sorbo-merken is geplaatst, zodat reeds hierom geen sprake kan zijn van verboden merkgebruik. Dit betoog faalt, nu  het enkel aanbieden van waren ingevolge artikel 2.20 lid 2 sub b BVIE wordt aangemerkt als gebruik van een merk in de zin van artikel 2.20 lid 1 BVIE. Niet is vereist dat de producten ook daadwerkelijk zijn verkocht. Voor zover er al sprake zou zijn van een administratieve fout, dan nog is dit een gebruik van de merknaam Sorbo dat voor rekening en risico komt van Nedac Sorbo.

6.10 Dit, zonder toestemming van Nedac Sorbo, gebruik van Sorbo-merken door De Bever, bestaande in het aan afnemers aanbieden van (Sorbo) Blue Wonder producten, voorzien van het Sorbo-beeldmerk, en in het veelvuldig gebruiken van de Sorbo-merken in de meest aangewezen informatiebronnen voor afnemers en consumenten van de nieuwe Blue Wonder-producten van De Bever, zoals de hiervoor genoemde twee websites van De Bever en haar accountboek, die door De Bever in het economisch verkeer wordt gebruik ter promotie van haar eigen nieuwe producten die concurrerend zijn aan de producten van Nedac Sorbo, kan bij de afnemers en de consument verwarring veroorzaken omtrent de commerciële relatie tussen partijen en de herkomst van de Sorbo-merken. Hierdoor kunnen de Sorbo-merken geassocieerd worden met de waren van De Bever, zodat afbreuk wordt gedaan aan de herkomstaanduidingsfunctie van de Sorbo-merken. Met dit gebruik van de Sorbo-merken maakt Nedac Sorbo [red. vermoedelijk De Bever bedoeld] dan ook inbreuk op de exclusieve merkrechten van Nedac Sorbo op de Sorbo-merken in de zin van artikel 2.20 lid 1 sub a BVIE.

Zie hier de grosse.

IEF 11526

Tijdelijke regeling voor thuiskopieheffingen

Uit't persbericht: Er komt een tijdelijke maatregel voor thuiskopieheffingen, waardoor het thuiskopiestelsel voorlopig in stand blijft. Dit blijkt uit een brief van staatssecretaris Teeven van Veiligheid en Justitie die mede namens staatssecretaris Zijlstra (OCW) en minister Verhagen (ELI) naar de Tweede Kamer is gestuurd.

Het kabinet wilde de heffing op dragers, zoals blanco CD’s en DVD’s, per 1 januari 2013 afschaffen en vervangen door een systeem dat beter inspeelt op technologische ontwikkelingen. De Tweede Kamer wenst die wijziging niet. Een tijdelijke regeling is nu onvermijdelijk omdat Europese regels voorschrijven dat auteurs recht hebben op een billijke vergoeding van de schade die ontstaat doordat een lidstaat thuiskopieën toelaat. In de praktijk komt dat neer op een herziening van de heffingen op dragers per 1 januari 2013.

Met de afschaffing van de thuiskopieheffingen wilde het kabinet ook een oplossing bieden voor de periode na de bevriezing van het thuiskopiestelsel. Die periode van bevriezing was bedoeld om debat en besluitvorming mogelijk te maken over de toekomst van het stelsel en daaruit voortvloeiende maatregelen uit te voeren.

Verder roept het kabinet de Stichting Onderhandelingen Thuiskopievergoeding (SONT) op met een advies te komen over de herziening van de thuiskopieheffingen. De SONT is een overlegorgaan waarin betalingsplichtigen en Stichting de Thuiskopie zijn vertegenwoordigd. Stichting de Thuiskopie int en verdeelt thuiskopievergoedingen onder rechthebbenden, zoals auteurs, musici en acteurs. De SONT-partijen zijn het beste in staat om te beoordelen welke heffingen passend zijn. Teeven zal een besluit van de SONT betrekken bij de totstandkoming van een algemene maatregel van bestuur (amvb) die in het najaar in procedure gaat met als doel de thuiskopieheffingen op dragers formeel vast te leggen.

Tot slot heeft de Staat cassatie ingesteld bij de Hoge Raad tegen de uitspraak van het gerechtshof Den Haag in een zaak van de auteursrechtorganisatie Norma tegen de Staat [red. IEF 11110], naar aanleiding van de bevriezing van het thuiskopiestelsel sinds 2007. Het Hof stelt zich daarin onder meer op het standpunt dat geen billijke vergoeding voor auteurs wordt gerealiseerd, tenzij alle dragers die geschikt zijn om privé te kopiëren met een heffing worden belast. De Staat betwist die visie.